Perspectieven op liefde door de geschiedenis heen.
- welke leven jullie?
Als relatietherapeut zie ik met regelmaat geliefden die een heel andere waarde toekennen aan hun liefde en relatie. Hun perspectief, hun 'waarom' is anders. Dat contrast in perspectief kan soms prima gaan maar vaak brengt het ook verwijdering met zich mee.
Want hoe en waarom wij liefhebben, zegt iets over hoe wij mens-zijn begrijpen: we hebben een perspectief op de liefde en op onze relatie en dat geeft ons richting. Verschilt onze richting dan komt de koers onder druk.
Elke tijd in de geschiedenis, elke grote traditie, heeft een andere bril gehad om naar liefde te kijken.
De vraag wat je perspectief op liefde is, is dus niet alleen persoonlijk, maar mede vanuit de geschiedenis gevormd. Wij denken dat onze worstelingen uniek zijn, maar in werkelijkheid dragen we een hele historie in ons mee. Iedere tijdgeest heeft liefde anders gedefinieerd. Iedere cultuur heeft andere verwachtingen gelegd in het hart van mensen. Iedere traditie of stroming roept ook weer per tijdsgewricht de mens naar een andere horizon terwijl je het oude ook nog met je meedraagt. Bewustzijn van deze lagen schept ruimte om het liefdespad te lopen dat jou roept.
Liefdesperspectieven door de tijden heen in vogelvlucht
In de klassieke oudheid werd liefde al verfijnd onderscheiden:
Wat we vaak vergeten wanneer we over liefde spreken, is dat de woorden die wij vandaag gebruiken zoals eros, romantiek, relatie, relatief laat in de menselijke geschiedenis zijn ontstaan. Het gevoel is natuurlijk zo oud als de mensheid, maar de manier waarop we het begrijpen, benoemen en vormgeven heeft zich langzaam ontwikkeld. Wanneer we verder terugkijken dan de Griekse filosofie, komen we terecht in een wereld waarin liefde nauwelijks een individueel sentiment was, maar vooral een kosmisch en collectief principe.
Mythologie
In de vroegste mythologische en religieuze tradities werd liefde niet in de eerste plaats gezien als een emotie tussen twee mensen, maar als een scheppende kracht van het universum zelf. In de Mesopotamische cultuur bijvoorbeeld speelde de godin Inanna (later ook bekend als Ishtar) een centrale rol. Zij belichaamde zowel vruchtbaarheid als passie, zowel oorlog als verlangen. In de mythes rond haar afdaling naar de onderwereld zien we al een patroon dat later in veel liefdesverhalen terugkomt: liefde als een reis door verlies, transformatie en wedergeboorte. De relatie tussen Inanna en haar geliefde Dumuzi werd niet alleen gezien als een romantische verbinding, maar als een symbolische cyclus van natuur, dood en hernieuwd leven.
Isis
In het oude Egypte zien we een vergelijkbare vermenging van kosmologie en relatie. De mythe van Isis en Osiris vertelt hoe Isis haar vermoorde partner Osiris opnieuw samenstelt en tot leven wekt. Hun liefde symboliseert niet alleen trouw, maar ook het vermogen van liefde om orde te herstellen in een chaotische wereld. De relatie tussen deze goddelijke figuren werd gezien als een spiegel van de kosmische harmonie die het universum bijeenhoudt.
Shiva & Shakti, Ying & Yang
Wanneer we nog verder kijken, zien we dat in veel vroege culturen de relatie tussen man en vrouw werd begrepen als een afspiegeling van een fundamentele polariteit in de natuur. In de Chinese traditie bijvoorbeeld wordt de dynamiek tussen tegenstellingen beschreven in het principe van Yin and Yang. Het gaat hier niet alleen om mannelijk en vrouwelijk, maar om een voortdurende dans van complementariteit: donker en licht, ontvankelijkheid en actie, rust en beweging. Liefde wordt in dit perspectief geen individuele emotie, maar een harmonisatie van krachten.
Ook in de Indiase traditie werd de relatie tussen polariteiten gezien als een kosmisch principe. De dynamiek tussen Shiva en zijn vrouwelijke tegenkracht Shakti symboliseert de vereniging van bewustzijn en energie. Zonder Shakti is Shiva inert; zonder Shiva is Shakti richtingloos. De liefde tussen deze principes is niet alleen een mythisch verhaal, maar een beschrijving van hoe creatie zelf ontstaat.
Wanneer we deze vroege tradities naast elkaar leggen, zien we een opvallend patroon: liefde werd aanvankelijk niet begrepen als een privégevoel, maar als een structurerende kracht van de werkelijkheid. De menselijke relatie was een echo van iets groters.
Praktisch huwelijk
Pas later, in de ontwikkeling van steden, landbouw en complexere sociale structuren, begon het huwelijk een meer praktische functie te krijgen. Families moesten bezit beheren, land verdelen, bondgenootschappen sluiten. In veel vroege agrarische samenlevingen werd het huwelijk daarom primair georganiseerd door families of gemeenschappen. Liefde kon groeien, maar was niet de basis waarop een relatie werd gevormd.
Antropologisch onderzoek naar traditionele samenlevingen laat zien dat relaties in deze context vooral draaiden om collectieve stabiliteit. De individuele emotionele beleving van partners was ondergeschikt aan de continuïteit van de gemeenschap.
Wat we zien, is dat de menselijke ervaring van liefde waarschijnlijk altijd al bestond, maar dat de culturele betekenis ervan voortdurend verschuift. Soms werd liefde gezien als een kosmische kracht, soms als een sociaal contract, soms als een individuele roeping.
Psychologisch begrip van liefde
Wanneer de Griekse filosofen zoals Plato en Aristotle hun beroemde onderscheid maken tussen eros, philia en andere vormen van liefde, bouwen zij eigenlijk voort op duizenden jaren van mythologie en religieuze symboliek. Zij brengen iets nieuws: een poging om liefde filosofisch te analyseren en psychologisch te begrijpen.
Dat moment markeert een belangrijke verschuiving in de geschiedenis van liefde. De blik verschuift langzaam van de kosmos naar de menselijke ervaring.
Eros
Eros wordt in het Symposium beschreven als een daimon (een tussenwezen) tussen de sterfelijke mens en de onsterfelijke goden. Hoewel Eros begint met lichamelijke aantrekkingskracht, is de bedoeling dat deze passie wordt gesublimeerd in een hogere, spirituele vriendschap of geestelijke liefde. In het Symposium beschrijft hij hoe liefde begint bij aantrekkingskracht, maar kan uitgroeien tot een verlangen naar waarheid en schoonheid zelf. Liefde als opstijgende beweging.
Tegelijkertijd was het huwelijk in het oude Athene zelden gebaseerd op diezelfde eros. Het huwelijk was een sociale en economische structuur, bedoeld om bezit, familiebanden en nageslacht veilig te stellen. Hartstocht kon elders bestaan. Lust en huwelijk waren geen vanzelfsprekende eenheid.
Roma Amatoria
Dat zien we ook in Rome. De dichter Ovidius schreef openlijk over verleiding en begeerte in zijn Ars Amatoria. Liefde als spel, als kunst van aantrekken en beminnen. Maar het Romeinse huwelijk zelf draaide primair om alliantie en stabiliteit. Veel belangen stonden op het spel in een dunne balans tussen vrede en oorlog waarbij huwelijken op strategische gronden waren gebaseerd. Het contrast tussen passie en plicht is dus geen modern probleem; het is een oud spanningsveld.
Philia
Aristoteles beschreef liefde als philia: een vriendschappelijke deugd waarin twee mensen elkaar het goede wensen omwille van wie de ander is. Dat komt opvallend dicht bij wat wij vandaag duurzame liefde noemen. Niet extase, maar wederzijdse ontwikkeling. In mijn praktijk merk ik hoe actueel dat is. Wanneer partners elkaar niet alleen zoeken om vervulling, maar om samen beter mens te worden, verschuift er iets fundamenteels.
Sacrement
In de vroege christelijke traditie werd liefde opnieuw verdiept. Bij Augustinus van Hippo werd liefde de ordenende kracht van het bestaan. Niet primair het romantische gevoel, maar de gerichtheid van het hart dat werd aangetrokken tot God. Het huwelijk werd sacrament, een spirituele verbintenis: het beginsel van vereenzelviging door liefde. De menselijke liefde als kanaal waar Gods liefde doorheen kon stromen. De kracht van deze liefde alleen maakt twee personen één.
Het huwelijk bleef een sociale en morele pijler van de gemeenschap.
Hoofse liefde
In de middeleeuwen ontstond iets intrigerends. Terwijl het huwelijk vaak economisch en familiaal werd gearrangeerd, ontwikkelde zich in de literatuur de hoofse liefde: vurige aanbidding, vaak gericht op een onbereikbare of getrouwde vrouw. Passie werd verheerlijk en aangemoedigdt, maar buiten het huwelijk geplaatst. Het lijkt alsof de cultuur intuïtief voelde dat eros moeilijk te temmen is binnen structuren van bezit en verplichting.
Tradities en kaste
Ook buiten Europa en het Christendom zien we ondertussen patronen. In China, onder invloed van confucianistische waarden, lag de nadruk eeuwenlang op harmonie, familiecontinuïteit en hiërarchie. Het huwelijk was een sociale plicht en een familieverbond. In India draaide het huwelijk traditioneel om kaste, familie en economische stabiliteit. Romantische liefde kon groeien, maar was geen voorwaarde vooraf.
Interessant is dat hedendaags onderzoek daar laat zien dat tevredenheid in gearrangeerde huwelijken vaak geleidelijk toeneemt, terwijl in westerse liefdeshuwelijken de tevredenheid gemiddeld piekt in het begin en daarna daalt. Dat verschil zegt iets over verwachtingen. Wanneer passie niet de startvoorwaarde is, kan liefde zich misschien rustiger en realistischer ontwikkelen.
De verlichting en de romantiek
Terug naar de tijdlijn: De Verlichting was niet slechts een koud, rationeel tijdperk. Het was een periode die rationaliteit gebruikte om liefde te herdefiniëren als een intiemere, persoonlijke en affectieve ervaring, wat de weg vrijmaakte voor de intense emotionaliteit van de Romantiek. Hier verschuift het zwaartepunt radicaal. Het individu komt centraal te staan. Het recht om zelf te kiezen wordt belangrijker dan familiebelang. Bij Johann Wolfgang von Goethe wordt liefde een allesbepalende innerlijke ervaring. In Die Leiden des jungen Werthers is liefde geen sociale afspraak meer, maar existentiële noodzaak. Hier ontstaat het idee dat je zonder ware liefde niet volledig leeft.
De moderne relatie
Sindsdien hebben we een ongekende verwachting in het huwelijk gelegd. Waar vroeger gemeenschap, religie en familie zingeving boden, verwachten wij nu dat onze partner ons emotioneel vervult, seksueel prikkelt, psychologisch begrijpt en existentieel bevestigt. De socioloog Anthony Giddens beschreef de moderne relatie als een “pure relatie”: ze blijft bestaan zolang beide partners er subjectieve bevrediging uit halen. Liefde wordt daarmee een continu onderhandelingsproces.
Jung
Tegelijkertijd bracht de dieptepsychologie een andere laag aan het licht. Carl Gustav Jung liet zien hoe wij in verliefdheid vaak projecteren. We zien in de ander onze ongeleefde delen, onze verlangens, onze schaduw. Dat verklaart de intensiteit van eros én de desillusie wanneer projecties instorten. Wat eerst magie leek, blijkt dan spiegel.
En misschien is dat precies waar onze tijd om vraagt. Eeuwenlang waren lust en huwelijk gescheiden circuits. Daarna probeerden we ze volledig samen te voegen in één romantisch of geestelijk ideaal.
Neurowetenschappen en hechting
Als we overstappen op de neurowetenschappen, iets van deze tijd, wordt het romantische idee van liefde meteen complexer. In de hersenen blijken verschillende systemen samen te werken die we in het dagelijks taalgebruik allemaal “liefde” noemen. Onderzoek laat zien dat er grofweg drie neurobiologische systemen betrokken zijn: lust, romantische verliefdheid en hechting. Elk systeem heeft zijn eigen chemie en uitdagingen..
Lust wordt vooral gestuurd door testosteron en oestrogenen en is evolutionair verbonden met voortplanting. Verliefdheid activeert het dopaminerijke beloningssysteem in de hersenen, hetzelfde systeem dat betrokken is bij motivatie en verlangen. Hechting daarentegen is sterk verbonden met hormonen zoals oxytocine en vasopressine, die veiligheid, vertrouwen en langdurige verbinding ondersteunen.
Wat interessant is, is dat deze systemen elkaar overlappen maar niet identiek zijn. Dat betekent dat je diepe hechting kunt voelen zonder intense passie, of intense passie zonder duurzame hechting. Historisch gezien werden deze dimensies vaak over verschillende relaties verdeeld. In de moderne cultuur proberen we ze te integreren in één langdurige relatie. Dat is prachtig, maar ook veeleisend.
De neurowetenschappen laten bovendien zien hoe relationeel ons brein eigenlijk is. Onze hersenen zijn niet ontworpen voor isolatie, maar voor afstemming. Wanneer twee mensen elkaar aankijken, elkaar aanraken of samen ademen, synchroniseren delen van hun zenuwstelsel zich. Het limbisch systeem 'het emotionele centrum van het brein', reageert voortdurend op de ander. Psychologen noemen dit limbische resonantie.
Vanuit die optiek is liefde niet alleen een emotie, maar ook een biologisch regulatiesysteem. In een veilige relatie kalmeert het zenuwstelsel, daalt stress, en ontstaat ruimte voor creativiteit en reflectie. Wanneer relaties onveilig zijn, gebeurt het tegenovergestelde: het lichaam gaat in waakstand. Liefde raakt dus letterlijk ons fysiologisch functioneren.
Kwantumfysica en psychologie
Het wordt interessant wanneer we een stap maken naar een heel ander perspectief: de kwantumfysica. Natuurlijk moeten we voorzichtig zijn met het direct toepassen van natuurkundige concepten op menselijke relaties. Maar het wereldbeeld dat uit de kwantumfysica naar voren komt, heeft wel degelijk filosofische implicaties op de liefde.
De klassieke natuurkunde beschouwde het universum als een mechanisch systeem van losse onderdelen. De kwantumfysica laat echter zien dat de werkelijkheid op fundamenteel niveau relationeel is. Deeltjes bestaan niet volledig onafhankelijk van hun omgeving; ze worden mede bepaald door interactie en observatie.
Een fascinerend fenomeen is bijvoorbeeld kwantumverstrengeling, waarbij twee deeltjes zodanig met elkaar verbonden raken dat veranderingen in het ene deeltje onmiddellijk samenhangen met het andere, zelfs wanneer ze zich ver van elkaar bevinden. Fysici zoals Erwin Schrödinger waren zelf al gefascineerd door de filosofische implicaties van dit soort verschijnselen.
Dit wereldbeeld raakt aan een oud intuïtief inzicht: dat verbondenheid een fundamentele eigenschap van de werkelijkheid kan zijn. Dat wij niet alleen losse individuen zijn, maar knooppunten in een netwerk van relaties.
Wat zegt dit
Liefde lijkt een multidimensionaal fenomeen dat zich afspeelt op verschillende niveaus tegelijk: lichamelijk, psychologisch, relationeel en existentieel.
We worden gevormd door spiegeling, door erkenning, door conflict en herstel. Liefde heeft het vermogen te helen wat ooit niet herstelde. Te creëren wat nog niet eerder bestond. Liefde is in die zin geen toevoeging aan het leven; het is een van de manieren waarop bewustzijn zichzelf leert kennen.
Wat ik in mijn werk steeds opnieuw zie, is dat relaties waar liefde stroomt, zowel zakelijk als privé, ons uitnodigen tot bewustzijn . Ze laten zien waar we nog bang zijn, waar we verlangen, waar we nog niet vrij zijn. En tegelijkertijd bieden ze een plek waar we kunnen oefenen met vertrouwen, met waarheid, met groei.
Misschien is de relatie van dit moment wel een integratie van alle lagen: Eros en vriendschap. Toewijding en vrijheid. Lust en loyaliteit. Autonomie én bevestiging. Spirituele groei én comfort. Niet omdat het moet, maar omdat we bereid zijn te leren over het potentieel van de liefde. Omdat we willen ervaren wat liefde ons kan brengen als we echt voor haar openstaan.
Misschien is dat wel de diepste betekenis van liefde in onze tijd. Niet alleen romantiek en lust, niet alleen hechting, maar een veld waarin menselijk bewustzijn zich ontwikkelt. Een frequentie die wonden kan helen en nieuwe mogelijkheden schept.
Dan is liefde niet langer iets wat ons overkomt of wat systemen voor ons bepalen of de tijdgeest van ons wil. Dan wordt ze een bewuste keuze. Een levende praktijk.
De toekomst van liefde
In die zin sluit de toekomstvisie op liefde misschien weer aan bij een oeroud inzicht. Niet de ander maakt mij heel maar in de ontmoeting met de ander ontdek ik waar ik nog gescheiden leef van mezelf. Liefde als bewustwordingsproces. Niet als vlucht, maar als thuiskomst.
Ik merk bij stellen dat wanneer die verschuiving plaatsvindt, er iets ontspant. De vraag verandert van “krijg ik genoeg?” naar “wat wordt hier in mij zichtbaar?” De relatie wordt dan geen consumptiegoed maar een levend laboratorium. Geen contract voor geluk, maar een uitnodiging tot groei.
En in die groei toont zich nog iets anders maar misschien nog fundamenteler: liefde blijkt niet iets te zijn wat je doet maar een kracht die -zonder de bemoeienis van onze karakterstructuren- veel dieper en vrijer te ervaren is. Liefde kenmerkt zich hier steeds meer als een zijnstoestand.
Misschien is dat de beweging waar we naartoe gaan. Van liefde als bezit naar liefde als pad, naar liefde als toestand. Van romantische vervulling naar relationele bewustwording. En als mens vind ik dat een hoopvol perspectief. Niet omdat het altijd makkelijk is, het vraagt juist veel van een mens, maar omdat het liefde haar hoogte, diepte en breedte geeft.
Niet als iets wat we er even bij doen, maar als een van de meest radicale manieren om mens te worden.
Maar dat is slechts mijn ervaring van de liefde; ze keert me binnenstebuiten en laat geen spaan heel van al mijn overtuigingen. Tegelijkertijd laat ze me helen op plekken waar ik eerder de hel dat te ervaren. Ze laat me zien wat mogelijk is als ik me écht overgeef aan haar kracht en haar vertrouw in plaats van probeer te bezitten of sturen.
Het is vanuit hier waarop ik mijn werk vormgeef: "Wat is nodig in deze relatie op dit moment om de liefde tussen mensen meer ervaarbaar te maken op de manier die hun relatie dient?" Daarin werk ik met de waarden die de partners hebben, met het verlangen dat zij hebben voor hun liefde. Soms is dat traumawerk, soms psycho-eductatie, oefeningen maar altijd vanuit de liefdesenergie die onder alles ligt.
En? Wat zijn jouw relatiewaarden als je dit zo leest?
Neem contact op met Stefanie voor meer informatie
Praktijk: Rotterdam | Hoeksche Waard | Hilversum | Online | Jouw locatie
Schrijf ons direct via WhatsApp